Waarschijnlijk had je nu een Amuse verwacht met de titel ‘Groot geluk’; zo na de amuse ‘klein geluk‘. Dan moet ik je weer eens teleurstellen – maar lief dat je zo meedenkt.
Nu kun je met ‘openbaring’ allerlei kanten op – zelfs de goede. Misschien is het al anders als je als Openbaring leest, met een hoofdletter ‘O’. Dan krijg je al een vermoeden welke kant we vandaag opgaan. Mogelijk denk je dan – tamelijk willekeurig – aan:
- Openbaring 1:8
en/of:
- Openbaring 4:8
Het gaat me natuurlijk om het patroon in de wekelijkse inspiratie “Dat wat was, is en zal zijn“. Naast deze titel van het weekschrijven haak ik in het bijzonder aan op de volgende zin in de tekst daarvan:
“Of je het nu God noemt, of liever spreekt van een levensmacht die altijd was, is en zal zijn, er is een kracht die ons met elkaar verbindt en ons deel maakt van een groter geheel dat zich door de tijd heen ontwikkelt.”
Nu snap je ook de link met Openbaring, waarin staat:
“‘Ik ben de alfa en de omega,’ zegt God, de Heer, ‘Ik ben het die is, die was en die komt, de Almachtige.’”
en:
“‘Heilig, heilig, heilig is God, de Heer, de Almachtige, die was, die is en die komt.’”
Deze zinsneden staan niet zover weg van de in het weekschrijven genoemde – ik parafraseer – ‘God/levensmacht die altijd was, is en zal zijn‘.
Minder bekend zijn misschien de verbeeldingen van de tekst – die vlak voor de aangehaalde zinsneden uit de Bijbeltekst staan – zijn gemaakt. Zoals door Albrecht Dürer:
Ook William Blake werd wel eens geïnspireerd door Openbaring;
Je snapt dat dit spannende afbeeldingen zijn als je de tekst leest van Openbaring 4:
“Er stond een troon in de hemel en daarop zat iemand. Degene die daar zat had een uiterlijk als van jaspis en sarder, en rond de troon was een regenboog die eruitzag als smaragd. Om de troon heen stonden vierentwintig andere tronen, waarop vierentwintig oudsten zaten. Ze droegen witte kleren en hadden een gouden krans op hun hoofd. Van de troon gingen bliksemschichten uit en donderslagen en groot geraas. Voor de troon brandden zeven vurige fakkels; dat zijn de zeven geesten van God. Ook lag er voor de troon iets als een zee van glas, van kristal. Midden voor de troon en eromheen waren vier wezens, die van voren en van achteren een en al oog waren. Het eerste wezen zag eruit als een leeuw en het tweede als een jonge stier; het derde had een gezicht als een mens en het vierde leek een vliegende adelaar. Elk van de vier wezens had zes vleugels, met overal ogen aan de buiten- en de binnenkant”
Fijn dat Dürer het voor ons verbeeld heeft…
Overigens had ik bij de titel en genoemde en zinsnede van de wekelijks inspiratie-brief zelf ook een associatie met een lied, namelijk “Haast u tot de arbeid“. En bij jou gaan natuurlijk ook de herinneringen lopen; zoals associaties met de amuses ‘Toebereid‘ maar in het bijzonder met ‘Oral History‘. Als je die laatste leest, kun je de associatie met dat lied ook goed plaatsen in de context van deze amuse. Zie de zinsneden:
Het gaat natuurlijk om ‘de woning te bereiden’ aan “Hem, die was, die thans is en ook komt”. En dan wordt in een bijzin dit gepreciseerd tot ‘liefdemacht, eeuwige levenskracht’
Dat lijkt me niet zover weg van het boven al eerder geciteerde:
“Of je het nu God noemt, of liever spreekt van een levensmacht die altijd was, is en zal zijn, er is een kracht die ons met elkaar verbindt en ons deel maakt van een groter geheel dat zich door de tijd heen ontwikkelt.”
Dan lijkt er in zo’n kleine honderd jaar toch een religieuze kern overeind gebleven…
Ik blijf overigens evenzeer geïnteresseerd in wat voor jou een ‘openbaring’ is.
================================
Amsterdam, 9 november 2024
Enkele dagen nadat er verschrikkelijke zaken gebeurd zijn in mijn stad; door en tegen mensen die deels dezelfde religieuze bronnen (zeggen te) hebben…


