Oral History

Op 16 december verdedigt Frederique Demeijer haar proefschrift “Over apostolisch-zijn gesproken… – Zes generaties lidmaten over de rol van het Apostolisch Genootschap in hun leven”. Ze gebruikt daarvoor ‘oral history’ blijkt uit de achterflap;

Op zich ben ik benieuwd hoe dat wordt aangepakt; het gebruik van diepte-interviews doet vermoeden dat geïnterviewden zullen moeten putten uit hun geheugen. En je geheugen is in de regel zeer onbetrouwbaar. Herinneringen vervormen, en worden ingepast in andere ideeën die je had. Een ware uitdaging lijkt me.

Met dat in gedachten waag ik me hier toch aan een stukje persoonlijke ‘oral history’, en wel naar aanleiding van een bericht dat door ‘Daisy Dageraad’ geplaatst is in de Feestboek-groep ‘Dialoog Forum ApGen’ (13 november 2020 – 9.32 uur). Ze vraagt zich af ‘hoe Apostel Slok zichzelf zag’. Voor het gemak ga ik er even van uit dat dit apostel L. Slok betreft. In zijn algemeenheid is het niet gemakkelijk om de vraag te beantwoorden hoe iemand anders zichzelf ziet. Ik beperk me daarom tot de vraag hoe hij volgens mij naar zijn vermeende of toegekende plek als christus keek. Ik maak eerst een sprong in de tijd terug, dus ‘fasten your seatbelts’ 😉

Ik refereer aan een repetitie van het mannenkoor dat in Amersfoort oefende voor een bijeenkomst in Zürich. Apostel J.L. Slok was inmiddels apostel-helper, en geen dirigent meer van dat (gelegenheids)mannenkoor. Apostel L. Slok kwam die middag wel luisteren; dat was hij gewoon te doen bij ‘generale repetities’; niet alleen zijn betrokkenheid tonen, maar waar van toepassing ook nog een ‘finishing touch’ geven. Die middag was de finishing touch wel heel programmatisch.

Eerst even naar de muziek. Voor het gelegenheidsmannenkoor was er allerhande losse bladmuziek toegevoegd aan de reguliere bundel. Van ‘Deep River’ en ‘Nobody knows the trouble I’ve seen’ tot ‘The Lord’s prayer’ (‘onze vader’). Ook oudere apostolische liederen werd – bijvoorbeeld met een bijgewerkte tekst – gebruikt. Ik noem hier het lied: ‘Haast u tot de arbeid’.

Dit lied werd al gebruikt in:

Ik kan deze bundel helaas niet direkt goed dateren, want op het titelblad staat geen jaartal:

Indirekt kun je vermoeden dat het (ongeveer) tegelijkertijd is uitgegeven met het kleine broertje;

En van het kleine broertje weten we het wel:

Ik ga er dus even van uit dat beiden in 1933 gedrukt zijn. In de zangkoor-bundel staat dan ook het lied – dat zoals bovengenoemd staat vermeld, ook door het mannenkoor werd gezongen.

Interssant is om daarvan ook het (tekst)fragment te zien:

Als ons oog de stad aanschouwt, die door d’Apost’len wordt gebouwd

Los van de tekst: geweldig om zo visionair te willen en kunnen denken! In modern management is een steeds meer gebruikte techniek het visualiseren van een gewenste c.q. te bereiken situatie.

Maar goed, voor ik bij de kern kom, dwaal ik eerst nog even af.

De bijeenkomsten in Zürich werden door de aanwezigen als een enorme happening of event ervaren – om het maar in modern Nederlands te zeggen. De moeite die er voor werd getroost om daar bij te zijn c.q. aan deel te nemen, kun je niet goed uitleggen (’t verstand kent geen verklaring’). Wij reden met mijn ouders zo’n 333 km. van onze vakantiebestemming bij Annecy naar Zürich, en we waren bepaald niet de enigen die zo’n omweg maakten. Er werd zaterdagavond nog gerepeteerd; zie bijvoorbeeld bijgaande instructie met route;

Na afloop van zo’n samenzijn heeft mijn vader de volgende foto gemaakt – die viraal is gegaan in het genootschap. Een kleine frustratie is dat deze foto zonder toestemming en bronvermelding is opgenomen in het Historisch Archief van het genootschap.

Dit zal midden/eind jaren 70 zijn geweest.

Een bijzonder aspect van deze foto is dat je de apostel ontspannen samen met zijn vrouw ziet; daar zijn er niet zoveel van.

Maar even terug naar de lijn van het verhaal.

Op die zondagmiddag in Amersfoort, bij de mannenkoor-repetitie, kwam de apostel L. Slok luisteren, en onderbrak het mannenkoor bij het zingen van het lied ‘Haast u tot de arbeid’. Vanwege zijn lichamelijk ongemak liep hij met een stok. Toen hij dus met stok en al gebarend interrumpeerde, was dat een duidelijk gebaar – zijn mentale energie was duidelijk aanwezig.

Waarom onderbrak de apostel het zingen?

De tekst die het mannenkoor zong, was: “Als mijn oog de stad aanschouwt, die door de Christus wordt gebouwd’.

De apostel riep vertwijfeld uit toen hij ‘afsloeg’: “Moet ik het weer alléén doen?!”

De booschap kwam aan, en de dirigent paste ter plekke de tekst aan tot: “Als mijn oog de stad aanschouwt, door Christuszin gebouwd”.

Je ziet de aanpassing – lekker met klonten Tipp-Ex – van tekst en notenbeeld:

Je kunt dus constateren dat apostel L.Slok zelf aan het eind van zijn leven de kentering in het beeld van hem ‘als (alles) leidend persoon’ c.q. ‘enige drager van de christelijke mentaliteit’ heeft aangegeven; de verbreding in verantwoordelijkheid die later is benadrukt. Hij wilde het helemaal niet alleen doen. Ere wie ere toekomt.

En terugkomend op de vraag die de aanleiding vormde: ik denk dat ik hiermee heb aangegeven hoe de apostel naar zichzelf / zijn plek keek.

Eén gedachte op “Oral History

  1. Leida van Beek

    Voor mij een zeer herkenbaar en soms ontroerend stuk. Deze tijd en gebeurtenissen zijn onderdeel van mijzelf. Zulke prachtige jaren in Zurich meegemaakt, waar mijn man ook deel uitmaakte van dat mannenkoor.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.